Kennisbank
Nationale ombudsman en Kinderombudsman
Wat kunnen de Nationale ombudsman en Kinderombudsman betekenen bij klachten over detentie, DJI en de rechten van kinderen?
De Nationale ombudsman kan helpen wanneer u vastloopt met een klacht over de overheid, ook bij problemen met een inrichting. De Kinderombudsman richt zich op de rechten van kinderen, waaronder jongeren in detentie en kinderen met een gedetineerde ouder. Welke route mogelijk is, hangt onder meer af van uw klacht en de vraag of u nog beklag of beroep kunt instellen.
Wat doet de Nationale ombudsman?
De Nationale ombudsman onderzoekt onafhankelijk en onpartijdig hoe overheidsinstanties handelen. Het gaat bijvoorbeeld om de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), ministeries en de politie. Onderwerp van onderzoek is het optreden bij de uitvoering van overheidstaken, zoals de manier waarop een klacht wordt behandeld of medische zorg wordt georganiseerd.
De functie bestaat sinds 1982 en is vastgelegd in artikel 78a lid 1 Grondwet. Andere wettelijke regels staan in de Wet Nationale ombudsman en titel 9.2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Een onderzoek kan beginnen met een individuele klacht. De ombudsman kan ook zelf onderzoek starten, bijvoorbeeld na terugkerende klachten, mediaberichten of signalen van maatschappelijke organisaties. Een onderzoek kan leiden tot een openbaar rapport met een oordeel en aanbevelingen. Die zijn niet bindend: de instantie is niet verplicht ze op te volgen. In de praktijk gebeurt dat vaak wel.
Klagen bij de Nationale ombudsman
Eerst bij de betrokken instantie
Voor een verzoek om onderzoek gelden in beginsel deze voorwaarden:
- Uw klacht gaat over het handelen van een overheidsinstantie.
- U heeft eerst bij die instantie zelf geklaagd.
- Er staat geen beklag- of beroepsprocedure meer open. Een uitzondering betreft klachten over het uitblijven van een besluit of het niet tijdig nemen daarvan.
De ombudsman is dus geen vervanging voor de gewone beklag- en beroepsprocedures binnen detentie.
Wanneer volgt geen onderzoek?
Artikel 9:17 en verder Awb regelen wanneer onderzoek niet mogelijk is of achterwege mag blijven. De ombudsman is niet bevoegd wanneer de klacht gaat over:
- een uitspraak van een bestuursrechter;
- een kwestie waarover een procedure bij de rechter loopt;
- de inhoud van een wet of regel.
Daarnaast kan de ombudsman besluiten geen onderzoek te doen als:
- de klacht ongegrond is;
- de klacht of het belang van de klager onvoldoende zwaar weegt;
- de klacht over iemand anders dan de klager gaat;
- een rechter al over de klacht heeft geoordeeld;
- de overheidsinstantie de klacht langer dan een jaar geleden heeft afgehandeld.
Als aan de voorwaarden is voldaan en geen uitzondering geldt, moet de ombudsman in beginsel onderzoek doen.
Hoe verloopt de behandeling?
Veel klachten worden opgelost door contact met de klager en de instantie. Een praktisch probleem kan soms via overleg of informele bemiddeling worden verholpen, zonder uitgebreid rapport. Een kort onderzoek kan ook uitwijzen dat de instantie zorgvuldig heeft gehandeld, of ertoe leiden dat zij zelf een fout erkent.
Bij een uitgebreider onderzoek mogen zowel de klager als de instantie hun standpunt toelichten. Overheidsinstanties moeten aan het onderzoek meewerken. De ombudsman zet de verzamelde informatie in zijn bevindingen: een overzicht van wat het onderzoek heeft opgeleverd. Betrokkenen mogen daarop reageren. Daarna volgt het oordeel, eventueel met aanbevelingen.
Gevangeniswezen: klachten over de inrichting en DJI
Beklag of beroep gaat voor
Bij een klacht van iemand in detentie controleert de ombudsman eerst of beklag of beroep mogelijk is volgens de beginselenwetten, de wetten die de rechtspositie tijdens detentie regelen. Zo ja, dan moet hij de klacht doorsturen naar de commissie van toezicht of de RSJ. Deze doorzendplicht staat in artikel 9:19 Awb.
Mag de ombudsman de klacht zelf behandelen, dan kijkt hij welke aanpak passend is. Soms schakelt hij de commissie van toezicht in voor een praktische oplossing. Die kent de plaatselijke omstandigheden en kan de gedetineerde gemakkelijker bereiken. Lukt een oplossing niet, dan kan alsnog onderzoek volgen.
Privacy en vertrouwelijke informatie
In rapport 2017/047 onderzocht de ombudsman het uitlekken van informatie uit een penitentiair dossier. Wie had gelekt, bleef onduidelijk. Wel leek de informatie via de overheid naar buiten te zijn gekomen. DJI gebruikte een verouderd systeem waarin toegang onvoldoende kon worden beperkt. Ook werd niet geregistreerd welke gegevens aan andere instanties werden verstrekt. Vanwege de persoon en de mediagevoelige zaak was extra zorgvuldigheid nodig. De klacht was gegrond: de persoonlijke levenssfeer was geschonden.
Rapport 2022/186 ging over vertrouwelijke informatie die bij medegedetineerden bekend was geworden. De klager kreeg aanvankelijk nergens een inhoudelijke behandeling. DJI vond het onwaarschijnlijk dat personeel de informatie had gedeeld, maar onderbouwde dat niet. Medewerkers en medegedetineerden waren niet bevraagd. De ombudsman oordeelde dat DJI onvoldoende onderzoek had gedaan en de man zijn klachtrecht ten onrechte had onthouden.
Voorbereiding van medische zorg
Rapport 2018/095 betrof een ernstig zieke man die 30 dagen vervangende hechtenis moest ondergaan. Hij was herhaaldelijk aangehouden en weer heengezonden omdat passende zorg niet beschikbaar was. Ondanks afspraken kreeg hij bij zijn uiteindelijke opname pas op de tweede dag medicatie en na twee weken noodzakelijke speciale voeding.
De ombudsman vond dat DJI de opname onvoldoende had voorbereid en tekort was geschoten in de medische zorg. De klacht was gegrond.
Winkelprijzen en het winkelsysteem
Na klachten over hoge prijzen en prijsverschillen tussen inrichtingen begon de ombudsman in 2015 zelf een onderzoek. Dit leidde tot aanbevelingen over redelijke winkelprijzen. De staatssecretaris lichtte in 2016 toe hoe hij daaraan uitvoering wilde geven.
Ook de invoering van het winkelsysteem In-Made leidde tot ingrijpen. De ombudsman vroeg in 2017 opheldering. In juni 2018 zag hij verbeteringen, maar vond hij het functioneren nog onvoldoende. DJI beloofde verdere verbetering. Omdat dezelfde problemen bleven worden gemeld, schreef de ombudsman in juni 2020 opnieuw aan de minister.
Gratie en veteranenzorg
In december 2019 verklaarde de ombudsman klachten van een levenslanggestrafte over de rol van het Openbaar Ministerie in een gratieprocedure gegrond. In mei 2021 vroeg hij opnieuw om een procedure met voldoende waarborgen, waarbij verder werd gekeken dan het bestaande wettelijke kader.
Een onderzoek naar veteranen in detentie begon in oktober 2020. De Veteranenwet uit 2014 legt de overheid een bijzondere zorgplicht op. De Veteranenombudsman constateerde dat specialistische veteranenzorg binnen detentie onvoldoende bereikbaar was. Hij wees op mogelijke verbanden tussen gedrag en tijdens missies opgelopen trauma’s, en vroeg om betere samenwerking en concrete afspraken over passende zorg en nazorg.
Justitiële jeugdinrichtingen en de Kinderombudsman
Voor wie is de Kinderombudsman er?
De Kinderombudsman helpt kinderen en jongeren tot 18 jaar bij het opkomen voor hun rechten. Zij is verbonden aan het bureau van de Nationale ombudsman, maar heeft eigen taken en bevoegdheden. Haar werk betreft zowel de overheid als private organisaties.
Kinderen en jongeren kunnen er terecht met vragen over hun rechten en met klachten of signalen over kinderrechten bij de overheid, gezondheidszorg, onderwijs, kinderopvang en jeugdzorg. Het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) is daarbij een belangrijk uitgangspunt.
Aandacht voor vrijheidsbeneming
De Kinderrechtenmonitor volgt ontwikkelingen in wetgeving en beleid en de naleving van kinderrechten. De eerste verscheen in 2012. In de vijfde monitor, uit 2016, benoemde de Kinderombudsman tien fundamentele zorgpunten.
Een daarvan was de vrijheidsbeneming van minderjarigen. De Kinderombudsman bepleitte alternatieven voor detentie. Ook waarschuwde zij dat afnemende capaciteit plaatsing in een justitiële jeugdinrichting (JJI) dicht bij de eigen leefomgeving bemoeilijkte. Samen met een lage personeelsbezetting zette dat de voorzieningen onder druk.
Hoe moet een klachtenprocedure voor jongeren werken?
In het rapport ‘Neem mij(n klacht) serieus!’ uit februari 2016 formuleerde de Kinderombudsman tien uitgangspunten voor klachtenprocedures bij vrijheidsbeneming:
1. Jongeren weten van de procedure en begrijpen hoe die werkt. 2. Zij kunnen de procedure daadwerkelijk gebruiken. 3. Geen klacht wordt op voorhand uitgesloten van bespreking. 4. Informele behandeling is het uitgangspunt, waarbij de jongere wordt gehoord. 5. De behandeling vindt onafhankelijk en zonder vooringenomenheid plaats. 6. De werkwijze sluit aan bij jongeren. 7. Jongeren krijgen goede informatie over de voortgang en uitkomst. 8. De afhandeling verloopt zo snel mogelijk. 9. Een gegronde klacht leidt tot herstel en lessen voor de toekomst. 10. De jongere kan de klacht ook aan een tweede, onafhankelijke instantie voorleggen.
Vervangende jeugddetentie bij schadevergoeding
In ‘Laat mij niet zitten’ uit 2018 onderzocht de Kinderombudsman vervangende jeugddetentie bij een schadevergoedingsmaatregel. Haar aanbevolen uitgangspunt was om deze detentie bij minderjarigen niet toe te passen, tenzij er reden is voor een uitzondering. Dit betreft een aanbeveling, geen algemeen wettelijk verbod.
Kinderen met een gedetineerde ouder
Voor het project ‘Zie je mij wel?’ sprak de Kinderombudsman in 2017 samen met Exodus Nederland met kinderen en jongeren van wie een ouder gedetineerd was of was geweest.
De aanbevelingen richtten zich onder meer op bezoekruimtes die beter aansluiten bij de behoeften van kinderen. Ook vroeg de Kinderombudsman om meer ondersteuning voor gedetineerde ouders en hun kinderen, zodat zij een zo normaal mogelijke ouder-kindrelatie kunnen onderhouden.
Klachten van familie, bezoekers en anderen
Eerst naar het klachtenloket van DJI
Bezoekers, nabestaanden en mensen die inmiddels zijn vrijgelaten, kunnen niet gebruikmaken van de beklagregeling van de beginselenwetten. Voor klachten over het optreden van een inrichting of medewerkers kunnen zij bij het klachtenloket van DJI terecht. Zijn zij ontevreden over de afhandeling, dan kunnen zij de Nationale ombudsman inschakelen.
Ook beroepsmatig betrokkenen, zoals advocaten en tolken, kunnen klachten aan de ombudsman voorleggen.
Klachten na vrijlating
Rapport 2009/203 ging over post die tijdens detentie niet zou zijn verzonden of uitgereikt. Na vrijlating kon de vrouw geen beklag meer indienen bij de commissie van toezicht. De directeur had haar klachten daarom volgens de Awb moeten behandelen. Omdat onder meer onduidelijk bleef of de inrichting haar klachtbrief had ontvangen, gaf de ombudsman geen oordeel.
Bezoekweigering en toegangscontrole
In rapport 2017/072 vond de ombudsman dat bezoekers zonder behoorlijke reden waren geweigerd. Ook ontbrak een duidelijke toelichting.
In rapport 2022/020 was de bezoekweigering zelf wel terecht, maar de klachtbehandeling niet zorgvuldig. DJI had niet persoonlijk met de bezoeker gesproken en hem niet laten reageren op de verklaringen van medewerkers.
Niet ieder onderzoek levert een oordeel op. Bij een klacht over het uittrekken van een colbertjasje bij de toegangscontrole spraken de bezoekster en bewaarders elkaar tegen. Een getuige bevestigde haar lezing niet en camerabeelden ontbraken. De ombudsman kon niet vaststellen wat was gebeurd en onthield zich van een oordeel (rapport 2008/146).
Nabestaanden na een overlijden
Een onderzoek dat in 2011 begon, wees op onvoldoende onafhankelijk, volledig en samenhangend onderzoek na overlijden in detentie. Soms ontbrak onderzoek helemaal. Ook kregen nabestaanden onvoldoende aandacht en werd te weinig geleerd van de uitkomsten (rapport 2012/037).
In een individuele zaak uit 2017 was het onderzoek naar het overlijden wel volledig en onafhankelijk. Toch adviseerde de ombudsman om nabestaanden beter te informeren (rapport 2017/054).
Advocaten en tolken
Een tolk mocht haar handtas niet meenemen in een strenger beveiligde inrichting. Zij had niet aangetoond dat de tas nodig was voor haar werk. Haar klacht was ongegrond (rapport 2015/170).
Een advocate die niet zelfstandig uit een afgesloten spreekkamer kon komen, kreeg wel gelijk. Voor het bewaken van orde en veiligheid hadden eerst minder ingrijpende maatregelen kunnen worden geprobeerd, zoals extra toezicht (rapport 2009/103).
Wat betekent dit voor u?
- Bent u gedetineerd? Ga eerst na of uw klacht via beklag of beroep moet worden behandeld. De ombudsman neemt die procedures niet over.
- Gaat het om ander optreden van DJI? Dien uw klacht eerst bij de betrokken instantie in voordat u de ombudsman benadert.
- Bent u bezoeker, nabestaande of inmiddels vrijgelaten? De route loopt via het klachtenloket van DJI en daarna eventueel de Nationale ombudsman.
- Gaat het om kinderrechten? De Kinderombudsman kan vragen beantwoorden en klachten of structurele signalen oppakken.
- Verwacht u een oplossing? Een tussenkomst kan praktisch herstel of een oordeel opleveren. Aanbevelingen zijn niet bindend, en bij onvoldoende duidelijkheid over de feiten kan een oordeel uitblijven.
Let op
Deze pagina is geschreven vanuit de expertise van Mr. S.P.C. (Stan) Broekmans, gespecialiseerd in detentierecht bij Hameleers Antonides Advocaten. Heeft u een vraag over uw eigen situatie? Neem dan contact op; een eerste inschatting kost u niets.
Vragen over uw situatie?
Bel voor een gratis eerste inschatting of laat uw gegevens achter; u wordt zo snel mogelijk teruggebeld door een advocaat die gespecialiseerd is in detentierecht.